Dutch Supercar Challenge


In het seizoen 2003 heeft de Dutch Supercar Challenge zich bewezen als een voor rijders en toeschouwers zeer aantrekkelijk GT- en toerwagenkampioenschap. Het startveld is groot, mooi en bijzonder. De strijd in de diverse klassen is spannend, en gezelligheid is een vast ingrediënt van ieder raceweekeinde. Het komende seizoen groeit de klasse verder, zowel kwalitatief als kwantitatief. Het doel van de klasse om uit te groeien tot een equivalent van het Belcar kampioenschap komt dichterbij!

De Dutch Supercar Challenge is 6 jaar geleden opgestart onder de naam Super Car Cup om het rijden met uitgehomologeerde wagens voor liefhebbers mogelijk te maken. De formule van de klasse sloeg meteen goed aan. Door het liberale technische reglement, een indeling in divisies op basis van de verhouding tussen het motorvermogen en het gewicht van de auto, was de klasse vanaf het begin meteen competitief. Het reglement trok ook al snel deelnemers met speciaal voor de klasse nieuw gebouwde auto's aan. De Dutch Supercar Challenge is immers de enige raceklasse in Nederland met een dusdanig vrij reglement dat het bijvoorbeeld toegestaan is om het motorvermogen flink op te voeren en de auto's met bijvoorbeeld carbon delen lichter te maken. Dit leidde al snel tot een flink aantal zeer bijzondere, prachtig geprepareerde auto's. Mede door deze ontwikkeling werd de klasse steeds professioneler, waarbij de organisatie aanvankelijk achterbleef.

Begin 2001 kwam hier verandering in toen een enthousiaste adviescommissie onder leiding van Dick van Elk de schouders onder de klasse zette. Deze commissie heeft een groot aantal veranderingen en verbeteringen in gang gezet. Belangrijkste aanpassing was de wijziging van sprintraces over 12 ronden naar races over 45 minuten, inclusief een verplichte pitstop met de mogelijkheid om van rijder te wisselen. Tijdens sommige evenementen stonden er zelfs twee races op één dag op het programma. De Dutch Supercar Challenge promoveerde hiermee in één klap tot het hoofdprogramma van de dag! Andere belangrijke verbeteringen waren het opstarten van een publiciteitstraject, professionele hospitality voorzieningen en de multimedia website www.supercarchallenge.nl.

Ook een engels team met deze speciale audi's rijdt meeGevarieerd en professioneel startveld
Inmiddels heeft de amateurklasse van weleer zich ontwikkeld tot een zeer populaire en professionele serie met prachtige GT's en toerwagens en zeer spannende wedstrijden, waarbij pas tijdens de finaleraces op Zandvoort de kampioenschappen werden beslist. Er is een grote variëteit aan merken auto's zoals Porsche, diverse typen BMW's, Marcos, Lotus, Renault, Maserati, Mercedes, Alfa Romeo en Citroen. Door het liberale technische reglement zijn er weinig beperkingen t.a.v. motorinhoud, type motor en aërodynamica. Het motorvermogen varieert per divisie van circa 200 tot 500 pk.

Op de circuits van Zandvoort, Assen, Spa en Zolder vonden vorig seizoen spannende races plaats die door de toeschouwers zeer gewaardeerd werden. Ook naast de baan had de organisatie het goed voor elkaar. Mede met steun van een aantal sponsors waaronder Dunlop, Eurotech en Ooperon beschikte de klasse over een professionele hospitalityruimte voor deelnemers en (hun) sponsors en relaties en werd er veel publiciteit gegenereerd.

De coördinator van de klasse en tevens deelnemer in een Lotus Esprit V8, Dick van Elk, vertelt dat dit het seizoen wordt om de ambities waar te maken. "De Dutch Supercar Challenge wil uitgroeien tot de meest professionele en competitieve klasse van Nederland. Het immens populaire Belcar geldt als ons grote voorbeeld!"



   Naar de site van de Dutch Supercar Challenge